Mij zien ze niet staan, zei m'n fantastische zus / druk 1

Voorzijde
Achterzijde
Niet beschikbaar

"Zo'n bibliotheek is een mooie manier om aan de man te komen", had een leuke oom tegen Mia gezegd toen zij met haar tweelingzus Lia een leesbibliotheek begon. Nou, daar was het hen al helemaal niet om te doen. Zij wilden veel lezen, veel mensen ontmoeten en daar dan over schrijven. Misschien werden ze daarmee dan wel beroemd.

Ina Hennink beschrijft de kleurrijke bezoekers van hun 'zaak met cachet', zoals iemand dat noemde: de 'Deftige' Dame: U moet het natuurlijk doen voor uw brood, anders deed u het ook niet... de zingende timmerman: Liefde alleen, liefde alleen is wat de jeugd ken bekore..., de bitse verpleegster: 'Alsjeblieft niets over liefde, dat is toch allemaal schijn... de dwaze oude dichter: Kind blijf daar zo staan, een plaatje ben je met je kopje zo scheef... de Lieve Oude Dame: De liefde is zo mooi als je jong bent... Het oude Heertje: Bent u al dikwijls gekust? Och wat, zo'n knap lief meisje zal nooit gekust zijn..., de aardige jonge dokter die te verlegen is om iets te zeggen, kortom al die 'klanten', jong en oud die dagelijks de bibliotheek in en uit gaan, beschrijft zij vlot en vaardig. Ook de liefdesperikelen en andere wetenswaardigheden van de meisjes zelf komen goed uit de verf.

Het verhaal speelt zich af in de jaren dertig van de vorige eeuw, heeft ook de sfeer van die jaren, toch zouden de personen evengoed kunnen figureren in deze tijd. 'Mij zien ze niet staan' is geen 'meisjesboek', geen 'damesroman', maar gewoon een humoristische vertelling over jonge mensen.

Lees meer