Infiltratietechnieken voor de huisarts / druk 1

Voorzijde
Infiltratietechnieken voor de huisarts / druk 1
Niet beschikbaar

Infiltratietechnieken voor de huisarts wil de huisarts aandoening per aandoening wegwijs maken in de klinische benadering en diagnosestelling, en in de indicaties en de techniek van infiltraties.15 tot 20 % van alle contacten in de eerste lijn heeft betrekking op problemen van het bewegingsapparaat.Het is dus erg belangrijk dat de arts tot een juiste diagnose komt aan de hand van een gerichte anamnese en een gericht klinisch onderzoek.Soms is de infiltratie van een gewricht of een periarticulaire structuur geïndiceerd, soms noodzakelijk, bijvoorbeeld als de conservatieve therapie niet of onvoldoende helpt.Voor elke arts die met problemen van het bewegingsapparaat in contact komt, zijn infiltratietechnieken een noodzakelijke vaardigheid.Eerst krijgt de clinicus een heldere uitleg over het wanneer, het waar en het hoe van de infiltratietechnieken voor de meest frequent voorkomende problemen waarbij een infiltratie geïndiceerd is.Daarna komen de schouder, de elleboog, de pols en hand en de cervicale wervelkolom aan bod.Nieuwe besliskundige gegevens over aantonende en uitsluitende waarden van klinische tests werden opgenomen om te komen tot meer evidentie in een praktisch haalbare klinische aanpak in de eerste lijn. Daartoe wordt gewerkt met duidelijk beeldmateriaal.Extra informatieDit boek bestaat ook in de vorm van een cd-rom met zoekfunctie.Over de auteursPat Wyffels is huisarts en sportarts in Halle-Zoersel en auteur van diverse werken en artikelen over aandoeningen van het bewegingsstelsel. Hij is verbonden aan het Centrum voor Huisartsgeneeskunde en het Vaardighedenlaboratorium van de Universiteit Antwerpen.Dos Winkel is medeoprichter van de International Academy of Orthopaedic Medecine. Hij heeft tientallen boeken en films over niet-operatieve orthopedie op zijn naam. Veel van zijn werk behandelt onderzoek op anatomische preparaten, o.a. om injectietechnieken zo veilig mogelijk te maken. Door klinische met artroscopische en operatieve bevindingen te vergelijken leverde hij een belangrijke bijdrage aan de klinische diagnostiek van aandoeningen van het bewegingsapparaat.